Ze zijn er weer: sigaren van het merk Moeder Natuur.
Tot mijn tiende was ik eraan verslaafd.
Het was de kunst de kop met een brandglas te laten gloeien, waarna je er gewichtig paffend mee rondliep.
(Zodra je een jeugdherinnering opschrijft, begint de overdrijving.
Verslaafd aan die sigaren? Ik zal er wel ?s een geprobeerd hebben aan te steken.
Met een brandglas? Kan ik me niet echt herinneren. Hier begint de romantische vertekening.
Daarom vertrouw ik een autobiografie waarin een leven in fraaie geuren en kleuren wordt geschilderd voor geen cent.
Uit het geheugen doemen vage, rafelige beelden op, die verre van betrouwbaar zijn.)